News

Game Reviews van Gamequarter.be

  • The Elder Scrolls V: Skyrim

    Zowat vijf jaar hebben we moeten wachten op het vervolg van The Elder Scrolls IV: Oblivion. Deze fantastische game was toen gegarandeerd de trots van ontwikkelaar Bethesda Softworks. Gamers die al de opdrachten wisten af te maken zijn talloze uren zoet geweest, maar wat na dit grote avontuur? Voor de echte fans was het op de tanden bijten, maar eindelijk hebben ze gekregen wat ze vroegen. Is dit gevraagde avontuur echter wel waar ze op hoopten? Het woord trots komt opeens terug in me op...

    Het eerste wat me opvalt als ik The Elder Scrolls V: Skyrim opstart, is het hoofdmenu. Het ziet er heel simpel en gemakkelijk uit. Er valt eigenlijk niet veel in te rommelen, want na het nakijken van de settings zie ik dat alles al meteen goed staat. Op zich best leuk want nu kan ik meteen meemaken waarvoor ik ben gekomen.

    Al de avonturen die je mee gaat maken in deze fantastische RPG moeten ergens beginnen, in een kar namelijk. Een dodenkar die voortgetrokken wordt door een paard met ruiter. Je bent niet de enige die in de kar zit, nog drie anderen reizen mee en zorgen voor gezelligheid. Terwijl er gepraat wordt kan je rondkijken. Je zal een ietwat vertrouwde omgeving zien die aan Oblivion doet denken. Natuurlijk is deze omgeving grafisch in een prachtig kleedje gestopt, net als al de rest. De kleuren, details, bewegingen, special effects etc... zitten allemaal meer dan snor. Verder uitweiden over het grafische aspect van de game is dan ook overbodig. Het is algemeen geweten dat Skyrim op dit vlak alleen al een waar meesterwerk is. Hierdoor is het dan ook meteen genieten als je het spel net begint te spelen. Je zal nog vele uren verbaast rondkijken naar de pracht van de omgeving.

    Na het ritje op de dodenkar moet iedereen afstappen en zeggen wie hij is. Ook jij dus. Dit is het moment waarop je je naam opgeeft, kiest uit één van de tien rassen en je virtuele gezicht samenstelt. Ook moest je in de oudere games een sterrenbeeld en een aantal favoriete vaardigheden kiezen die dan voor de rest van het spel min of meer vast lagen. Het samenstellen gebeurt nu tijdens het spelen zelf. Dit is zeker een verbetering, omdat je hierdoor kan opteren om een beetje van alles te leren. Ook is het leuker omdat je tijdens het spelen, levelt en er altijd wel naar zal uitzien wanneer je weer een ‘perk’ ontvangt om te sleutelen aan je vaardigheden. Kortom, je kan alle richtingen uitgaan en dit wanneer je wil.

    Na het personaliseren van je virtuele zelf kan het verhaal eindelijk beginnen. Vanaf het begin is al duidelijk dat zich in de provincie Skyrim een burgeroorlog afspeelt. De koning van Skyrim is overleden en nu is het foute boel tussen de Imperials – zij willen Skyrim behouden als deel van het koninkrijk – en de Stormcloaks – rebellen uit het Noorden die Skyrim onafhankelijk willen maken. Daarbovenop zijn na duizenden jaren de gevreesde draken teruggekeerd. Samen met de burgeroorlog zorgen zij ervoor dat de ondergang van het prachtige Skyrim nabij is. Nu moet de held van het verhaal, jij dus, ervoor zorgen dat deze ondergang niet zal plaatsvinden. Dit is het hoofdverhaal van de game, maar de uitgebreide wereld van Skyrim heeft natuurlijk nog meer verhalen in petto. Het is nu aan jou om te kiezen als je die ook wil doen of niet. Je zal wel eventjes zoet zijn als je eenmaal aan een zijverhaal begint. Als je tijdens een missie onderweg bent, leer je hoogstwaarschijnlijk nog andere verhalen kennen die interessant genoeg zijn. Als je je hoofd er niet bijhoudt, val je zo van het ene zijverhaal meteen in het andere. Frustrerend, maar ook wel goed. Niet alle missies bieden je een speciale verdienste aan en dus is het wel een goede manier om speciale voorwerpen en zeldzame wapens te vinden.

    Wat wel spijtig is aan deze game is dat al de gevechten die je meemaakt niet goed aanvoelen. Het lijkt er op dat de actie niet volledig wordt overgezet van de game naar jezelf; precies of er een deel van verloren is geraakt. Dit is vooral te wijden aan het spelen in first-person. Het eerstepersoons perspectief laat de speler door de ogen van zijn personage kijken, op zich wel leuk want je beleeft de wereld van Skyrim zoals het moet. Het zorgt er wel voor dat de gevechten niet duidelijk zijn. Je weet niet goed wat er allemaal gebeurt, waardoor je er op los hakt en alles wat chaotischer wordt.
    Niet alleen de gevechten zijn wat gevoelloos, ook de personages voelen niet menselijk aan. Dit ligt zeker niet aan de conversaties, die zijn rijkelijk en verschillend. Het probleem is dat de hele wereld gesimuleerd wordt en er geen gebruik gemaakt is van scripting. Hiermee is The Elder Scrolls V: Skyrim een bewijs dat gescripte games toch beter aan zullen voelen dan gesimuleerde games, hoe goed ze ook mogen zijn.

    Het vechtsysteem zelf is dan wel weer in orde. Dit lijkt grotendeels op dat van Oblivion. Als je vijanden dicht in je buurt staan, zullen ze meteen weten welk wapen je draagt: iedere slag raakt hun als ze dicht genoeg staan. Je hebt een betere en directere invloed op je slagen. Qua spreuken en bogen zit het zo dat je raakt waar je op richt.
    In Skyrim kan je ook nog kiezen wat je in welke hand wilt dragen. Zo kun je op de klassieke manier kiezen voor een zwaard en een schild, maar ook de combinatie van een enkelhandig wapen en een spreuk of twee enkelhandige wapens is mogelijk. Dit zorgt voor veel variatie en kan ik alleen maar toejuichen.

    Conclusie: 

    Ook al is er niet veel nieuws in vergelijking met de vorige Elder Scrolls-game, toch heeft Bethesda een game gemaakt om van te smullen. De perfecte sfeer past goed bij het verhaal en is hierdoor een van de redenen waarom het goed herspeelbaar is. Ook zorgt de uitgebreide wereld met zijn geheimen en onnoemelijk veel opdrachten hier voor. Fans van Oblivion en Morrowind zullen in Skyrim een perfecte balans vinden tussen deze vorige twee games van de reeks. Mede hierdoor kan The Elder Scrolls V: Skyrim een meesterwerk genoemd worden.

  • SingStar Back to the 80's

    Het schrijven van een review over SingStar is altijd al lastig. Al helemaal wanneer er een vervolg komt zonder vernieuwingen. Daar waar SingStar Dance en SingStar Guitar iets nieuws introduceerden, zorgt Sony met SingStar: Return to the 80’s ervoor dat je ook games kunt uitbrengen zonder vernieuwingen. Alhoewel, de tracklist is nog nooit zo oubollig geweest.

    Met SingStar: Return to the 80’s hoopt Sony het ietwat oudere publiek op hun wenken te bedienen. De tracklist bevat dertig nummers die allen hits waren in de jaren tachtig. Bands als Toto en Wham! ontbreken dan ook zeker niet op de lijst. De in totaal dertig nummers zijn vaak voorzien van de originele clips, wat de gouden tijd weer even voor een paar uurtjes in je huiskamer brengt. Wat dat betreft heeft Sony een geweldig platenlabel achter de hand om de clips vandaan te toveren.

    Wie met de aanschaf van SingStar: Back to the 80’s hoopt op een Nederlands vleugje muziek, zit goed mis. De Nederlandse popmuziek is namelijk niet vertegenwoordigd in de game. Hiervoor zal de trouwe zanger moeten uitwijken naar de SingStore, die bijna wekelijks wordt gevuld met nieuwe content.

    Op het gebied van vernieuwingen is er niets te vinden in Singstar: Return to the 80’s. Alles is zoals het was en niets nieuws is toegevoegd. Het aanschaffen van dertig nummers voor een redelijke prijs is dan ook alles wat je doet met het aanschaffen van de game. Aan de ene kant is het gebrek aan vernieuwing een doorn in het oog, maar aan de andere kant: waarom zou je een succesvolle formule moeten aanpassen? De mensen kopen het toch wel en er zijn geen features waar mensen al jaren om schreeuwen. Wellicht was het uitbreiden van twee zangers naar vier zangers tegelijkertijd een welkome optie geweest. Vanwege het gebrek aan vernieuwingen valt er niet veel meer op of aan te merken. Het bekijken van de tracklist en de conclusie is dan ook het enige wat rest.

    Tracklist

    * ABC - Poison Arrow
    * Beastie Boys - (You Gotta) Fight For Your Right (To Party)
    * Bros - When Will I Be Famous?
    * Daryl Hall & John Oates - Maneater
    * DeBarge - Rhythm Of The Night
    * Def Leppard - Animal
    * Deniece Williams - Let's Hear It For The Boy
    * Duran Duran - The Wild Boys
    * Elton John - I Guess That's Why They Call It The Blues
    * George Michael - Faith
    * Glenn Medeiros - Nothing's Gonna Change My Love For You
    * Heart - Alone
    * Jennifer Rush - The Power Of Love
    * J. Geils Band - Centerfold
    * Kim Carnes - Bette Davis Eyes
    * Kim Wilde - You Keep Me Hangin' On
    * King - Love & Pride
    * Neneh Cherry - Buffalo Stance
    * Orchestral Manoeuvres - In The Dark
    * Pat Benatar - Love Is A Battlefield
    * Philip Oakey & Giorgio Moroder - Together In Electric Dreams
    * Sade - Your Love Is King
    * Soul II Soul Ft. Caron Wheeler - Keep On Movin'
    * Spandau Ballet - Gold
    * The Human League - Don't You Want Me
    * Tight Fit - The Lion Sleeps Tonight
    * Toto - Africa
    * Ultravox - Dancing With Tears In My Eyes
    * Wham! - Freedom
    * Whitesnake - Here I Go Again

    Conclusie: 

    SingStar: Return to the 80’s is per definitie geen slechte game, maar kan worden verweten dat het niets nieuws op de markt brengt. Naast een schijfje met dertig nieuwe nummers bevat de game namelijk niks nieuws en dat is Sony te verwijten. Desalniettemin gaat de game niet met een onvoldoende de boeken in en zal een fan van de 80’s geen miskoop begaan bij het aanschaffen van de game.

  • Proffessor Layton En De Melodie Van Het Spook

    Een detective met een raar hoofddeksel, een Britse oorsprong en een irritante sidekick. Aan wie denk jij dan? Sherlock Holmes? Natuurlijk niet, we hebben het natuurlijk over Professor Layton die nu al zijn vierde game in Europa aflevert. Zet je puzzelhoed maar op.

    In het verleden heb ik wel eens even een Layton game gespeeld. Het heeft me nooit echt gegrepen, mede omdat ik niet veel met puzzelen heb. Maar als je het als recensiegame binnen krijgt dan wordt het doorbijten geblazen. Achteraf kan ik zeggen:’Dank U, GameQuarter.’ Professor Layton En De Melodie Van Het Spook opent sfeervol met een prachtig gemaakt anime-filmpje. Je hebt geen idee wat er aan de hand is of wie wie is, en dat wekt door het enorme, gebouwverscheurende spook gelijk interesse. Wanneer de game dan van start gaan ontmoeten we Professor Hershel Layton. Werkzaam in een rommelig kantoor in London, wordt zijn interesse geprikkeld door een brief van Clark Triton, een oude vriend. In deze brief zit een verborgen boodschap waarin om hulp gevraagd wordt. Het dorpje Misthallery wordt geteisterd door een mysterieus spook dat alles kort en klein slaat.

    In Misthallery is niet alles wat het lijkt. Een enorm avontuur voor een persoon, en dus wordt Layton al snel vergezeld door assistent Emmy en Luke Triton. Om de identiteit van het spook te achterhalen, zal je het dorp moeten doorkruisen en mensen ondervragen. Maar het dorp geeft zijn geheimen dus niet snel prijs, dus zal je weer heel wat puzzels moeten oplossen.

    De vierde Layton kent maar liefst 170 puzzels. Toegegeven dat sommige variaties zijn op puzzels die je al vele malen hebt opgelost. Maar een groot deel van de puzzels is leuk gevonden en sommige kunnen je echt gek maken. Zo moet je op een gegeven moment een 3D kaart maken van een vierkantje planeet, bepalen welke fietser de berg op rijdt en welke af of hoe je de spullen van een oude vrouw perfect in kar krijgt. Dan zijn hintmuntjes een welkome hulp. Deze muntjes vind je door op omgeving te tikken. Zo werk je je beetje bij beetje door de cryptogrammen, schuifpuzzels en breinbrekers heen en kom je langzaam maar zeker dichter bij de oplossing van dit mysterie.

    Het verhaal kent enkele leuke plottwists en tonnen (Nederlandse) dialogen om je doorheen te werken. Het in makkelijk interessant genoeg om de doorzetter te motiveren om de game tot het einde uit te spelen en zelfs de extraatjes uit te proberen. Het gevoel dat je werkelijk iets bereikt hebt wanneer je een moeilijke puzzel hebt opgelost en daarna een van prachtige filmpjes mag bekijken is niet te beschrijven. Het hartverscheurende einde valt dan ook zwaar, omdat je mee bent gaan leven met de personages die zo mooi tot leven zijn gewekt. Ik had nooit gedacht dit nog te zeggen, maar ik wil meer puzzelen en vlug. Ik wil meer Layton!

    Conclusie: 

    Professor Layton heeft iets gedaan wat ik nooit voor mogelijk hield. Het liet me meeslepen in een puzzelgame en liet me zelfs hunkeren naar meer. De goed geschreven Nederlandse dialogen, prachtige cutscenes en vaak leuke puzzels vloeien moeiteloos samen naar een bevredigend einde.

  • 3D Classics: Kid Icarus

    Pit is terug! Dat Nintendo’s huisengel later dit jaar in Kid Icarus: Uprising zal verschijnen, is al lang en breed bekend. Maar speciaal voor de mensen die afgelopen feestdagen 3DS-games hebben gekocht is er nu 3D Classics: Kid Icarus.

    Sinds de komst van de 3DS eShop is de 3D Classics serie vertegenwoordigd. Deze serie pakt oude 8bit games en geeft ze een 3D laagje. Dit werd al gedaan met Kirby en Mario, en nu dus ook met Pit. 3D Classics: Kid Icarus is momenteel nog niet te vinden voor het brede 3DS publiek, maar is exclusief voor Club Nintendo leden die minimaal twee 3DS titels hebben gekocht rond de feestdagen. Later dit jaar zal de game alsnog in de eShop verschijnen.

    Kid Icarus is een 8bit platformer zoals Mario en Kirby toen der tijd waren. Het was een van de eerste NES-titels die gebruik maakte van een save file,ook al kregen wij die optie in Europa niet, een welkome toevoeging. Want in tegenstelling tot de roze blob en de besnorde loodgieter was Kid Icarus behoorlijk bikkelen. De game begint als een 2D platformer waar je niet van links naar rechts, maar van onder naar boven gaat. Je sterft na te vaak geraakt te worden of buiten het scherm te vallen. Later in de game verandert het naar een Metroidvania-achtig geheel waarin je een fort moet doorkruisen. Niet zo gek, gezien het feit dat Kid Icarus en Metroid tegelijk uitkwamen. Het laatste onderdeel is een ouderwetse, links aan rechts platformer.

    Kid Icarus is maar liefst zestien jaar verdwenen van de radar. Na het spelen van deze remake kan ik dat enerzijds wel begrijpen. De game pakt elementen uit bekende Nintendo franchises als Kirby, Ice Climbers, Metroid en Mario maar werkt deze net niet zo goed af. Bovendien heeft de game daardoor niet echt een eigen smoel, ondanks de enkele eigen elementen die het invoert. Deze remake brengt daar niet heel veel verandering in, het 3D-effect is niet meer dan een leuke extra. Maar een waardevolle toevoeging wil ik het echt niet noemen. Het is sowieso al een vraagteken of je Kid Icarus als classic kan beschouwen…

    Conclusie: 

    Kid Icarus is een vermakelijke platformer, maar de titel classic verdient het niet. Het speelt teveel leentje-buur en heeft te weinig originele elementen om de game interessant te houden. Hier kunnen het 3D-effect en de uitgebreidheid van de game niet aan veranderen.

  • Kirby Mass Attack

    Het lijkt erop dat Nintendo er alles aangelegen is om geen ‘Ninplando’ genoemd te worden. Het hele jaar hebben we vrijwel niets noemenswaardig te doen gehad op een console van Nintendo (tenzij je Ocarina of Time nooit gespeeld hebt) en nu, zo vlak voor het einde van het jaar spuugt Nintendo even een handvol topgames uit. Dat The Legend of Zelda: Skyward Sword en Super Mario 3D Land tot die categorie behoren ligt in de lijn der verwachtingen. Iets minder hadden we het verwacht van die kleine roze blob, of moeten we zeggen tien kleine roze blobs? Kirby Mass Attack zorgt er namelijk voor dat we nog drukker zijn deze decembermaand, maar in dit geval is dat absoluut niet erg.

    Kirby wordt in het begin van de game betoverd door een heks, wat ervoor zorgt dat hij opgesplitst wordt in tien kleine Kirby’s. Met z’n tienen moet je de kwade heks zien te stoppen en de wereld proberen te redden. Je begint natuurlijk in je eentje, maar naarmate je veel fruit eet, krijg je er steeds een extra Kirby bij. En die heb je nodig ook, want sommige puzzels vereisen een minimum aantal roze vrienden.

    Als je een echte verzamelaar bent, kun je in Kirby Mass Attack proberen alle munten te verzamelen. Deze munten liggen verspreid over de verschillende levels en per level kun je er drie tot vijf halen. Voor verschillende levels is een minimum aantal munten nodig, maar het is niet per se nodig ze allemaal te halen. Wil je gewoon lekker snel door de game heen vliegen, dan zul je de strikt noodzakelijke munten halen en binnen een uur of vijf de aftiteling zien. Haal je wel alle munten, dan kun je er nog enkele uren bij op tellen. Naast de niet al te lange hoofdgame, is er een aantal minigames vrij te spelen, waaronder een whack a mole variant en een flipperkast.

    Zoals al eerder vermeld, speelt het veel eten van fruit een belangrijke rol in deze game. Hoe meer fruit, hoe meer Kirby’s en hoe meer Kirby’s, hoe meer mogelijkheden. Door op het beeldscherm te tikken, wijs je de weg voor de roze bolletjes, maar je kunt ze ook tijdelijk laten zweven door ze vast te houden en met de stylus te verplaatsen. Daarnaast kun je ze omhoog lanceren, of een vijand laten aanvallen door met je stylus in de gewenste richting te strijken. Deze besturing werkt heerlijk en het geeft je voldoening om alle tien de blobjes onder controle te hebben. Het heeft eigenlijk wel iets weg van Pikmin.

    Want als je in dat spel een vijand gezien had, of een object wilde verplaatsen, liet je er een groot aantal Pikmin op los en je zag ze als slaven te werk gaan voor jou. De Kirby’s, al zijn ze in iets mindere getale, doen eigenlijk precies hetzelfde. Zie je een vijand, dan ga je gewoon lekker met zijn allen er boven op. ‘Kunnen jullie wel met zijn achten tegen één?’ ‘Hmm, nou je het zegt, ik denk dat ik de hulp van nummer negen en tien ook wel kan gebruiken’. Don’t mess with the Kirby’s. Natuurlijk wordt de kracht van meerdere Kirby’s ook voor andere doeleinden gebruikt, zoals het uit de weg ruimen van obstakels en het oplossen van puzzels.

    Het enige dat jammer aan het verhaal van de tien Kirby’s en de massale aanvallen is, is het feit dat het niveau behoorlijk laag ligt. Je hebt al vrij snel tien Kirby’s in je macht en je zult ze niet snel kwijt raken. Als één van je Kirby’s geraakt wordt, dan wordt ie blauw, wordt hij nog een keer geraakt, verandert ie in een spookje, maar als je met een van de levende Kirby’s dit spookje pakt, is ie weer terug. Daarnaast laten de vijanden zich ook wel erg makkelijk te grazen nemen en zijn er geen echte hersenkrakers te vinden in het spel.

    Kirby Mass Attack ziet er, net als iedere andere Kirby-game, mierzoet uit. Roze, groen, geel, oranje, rood en blauw zijn de kleuren die de boventoon voeren. Grauwe omgevingen en boze vijanden zien we niet. Het zijn allemaal vrolijke omgevingen met cartooneske beestjes die een hoog knuffelgehalte hebben.

    Conclusie: 

    Als je nog een leuke DS-game wil hebben, dan is Kirby Mass Attack geen verkeerde keus. Het spel ziet er goed uit en het besturen van tien Kirby’s is leuk. Het spel staat garant voor vijf tot zeven uur ontspannen platformen. Ontspannen, omdat het iets aan uitdaging ontbreekt. Daarnaast zijn er nog aardige minigames te spelen. Kortom, een alleraardigst spelleke.

  • Super Pokémon Rumble

    Speelgoed is weer helemaal hot. Nadat we met plastic figuurtjes aan de slag mochten in Skylanders: Spyro’s Adventure mogen we nu metalen mini-pokémon opdraaien in Super Pokémon Rumble. Gelukkig hier geen portal, ik moet er niet aan denken om figuurtjes van elke Pokémon te moeten aanschaffen.

    Super Pokémon Rumble bouwt verder op de gameplay van Pokémon Rumble, een WiiWare titel van enkele jaren terug. De speler speelt met een speelgoed versie van een Pokémon die zich een weg door een van de vele dungeons moet banen. Pokémon Rumble kende twee grote gebreken. De eerste was dat er geen verhaal was, waardoor het gevoel van nutteloosheid snel om de hoek kwam kijken. Het tweede gebrek was het feit dat enkel Pokémon uit de vierde generatie hun intrede maakten. Nintendo heeft echter alle roosters opgetrokken en voorziet ons van een verhaallijn en alle 646 Pokémon. Dit alles doordrenkt in een mild 3D sausje die merkbaar maar niet overheersend is. Het is niet meer als een opleuking van de game en meer hoeft het niet zijn. Zolang de game niet pronkt met een enorme 3D in de titel hoeft het deze ook niet uit te buiten.

    Als het spel opstart zul je je Mii een speelgoed winkel in zien lopen. Hier windt hij een miniatuur Pikachu op, waar je het spel mee zult starten. Je zult gelijk in de eerste dungeon belanden die tevens dienst doet als tutorial. Je bevriend hier al gelijk je eerste vier andere Pokémon. Als je deze tutorial doorlopen hebt, begint je avontuur in de grote kleine wereld van Toyland. Super Pokémon Rumble kent pak em beet vijftig levels verdeeld over vijf werelden. In principe doe je in elke wereld hetzelfde. Je doorloopt de levels om telkens net iets sterkere Pokémon aan je leger toe te voegen. Aan het einde van elk stuk van de wereld wacht een arena op je waar je Battle Royale, Team Battle of Charge Battle moet winnen om verder te mogen. Dit wordt op den duur zeer herhalend en saai.

    Helaas is dat van de game als geheel ook van toepassing. Je Pokémon lijken enkel cosmetisch op hun RPG-tegenhangers. Toy-Pokémon kunnen niet levelen en evolueren dus niet. Ze worden niet sterker en ze leren geen nieuwe aanvallen. Het laatste klopt niet helemaal, aanvallen kunnen aangeleerd worden bij speciale machines als je Pokémon er compatibel mee is. Nuttig is het echter niet, omdat je Pokémon niet sterker kunnen worden moet je ze om de drie minuten vervangen door een sterkere Pokémon, en na drie minuten weer, en weer, en weer. Totdat je het einde van de game bereikt en een kleine duizend Pokémon hebt.

    Heiligschennis zullen de echte Pokémon-fans denken, en gelijk hebben ze! Maar dat is nog niet alles. Type voor- en nadelen zijn nu verwaarloosbaar. Je Pokémon kent maar een of twee aanvallen, en als je deze maar blijft lanceren win je wel. Indien je krachtnummertje maar hoog genoeg is natuurlijk. Abilities zijn ook nergens meer te vinden. Al kun je wel speciale Pokémon vinden die bijvoorbeeld niet in slaap kunnen vallen. Items zijn er niet, combinatie aanvallen ook niet. In feite kun je het nauwelijks een Pokémon-game noemen. Het zou geen verrassing zijn als de Pokémon origineel niet de bewoners van Toyland waren, maar dat Nintendo ze erin geplakt heeft om de fans aan te spreken, zoals ze eerder deden bij Kirby’s Epic Yarn, Mario Kart, Super Mario Bros 2 en Super Smash Bros. De Pokémon zijn zowel in-game als gevoelsmatig inwisselbaar.

    Tot nu toe lijkt het alsof Super Pokémon Rumble een rampzalige game is geworden, dat is echter geenszins het geval. Fans van Pokémon zullen zich echter bekocht voelen. Als we de game even Super Rumble noemen en dat woord in het midden vergeten, lijkt de zon tussen de wolken te schijnen. Super Rumble is behoorlijk lang houdbaar. Het verhaal zal je een uur of acht zoet houden, waarna je nog de after-story content kunt verkennen. Voor de reizigers onder ons loont het om streetpass aan te zetten. Als je dan andere spelers die Super Rumble spelen tegenkomt zullen jullie legers botsen en zal de winnaar er een leuke kleine bonus aan overhouden.

    Conclusie: 

    Super Pokémon Rumble is de zoveelste smet op de naam van mijn geliefde serie. Vergeet het middelste woord echter en je houdt een redelijk vermakelijke game over. Een game die een prettig 3D-effect, voldoende content en leuke uitwerking heeft, maar die voldoende diepgang en variatie mist. Een game die je urenlang kan vermaken, indien het wel genuttigd wordt in kleine porties.

  • Battlefield 3

    Dit najaar werd gekenmerkt door de bikkelharde strijd tussen militaire shooters, met Battlefield 3 en Call of Duty: Modern Warfare 3 op kop. Er werd met aanzienlijk wat modder gegooid, waardoor de kijk op de zaak wat vertroebeld is. Maar nu hebben we Battlefield 3 in ons midden. De game biedt singleplayer, co-op en multiplayer, en dat alles op de krachtige Frostbite 2 engine. Is dit een degelijk totaalpakket of vallen de onderdelen apart te ontleden? Lees verder en we zoeken het uit.

    De Battlefield games draaien hoofdzakelijk rond multiplayer, maar sinds de Bad Company games waagt DICE zich ook aan volwaardige singleplayer campagnes. Die trend zetten ze nu verder met Battlefield 3. Het gaat hier nog steeds om een militaire shooter, dus veel kanten kan de verhaallijn niet op. En jawel, er is weer een extremistische eenzaat die graag een oorlog tussen Amerika en Rusland wil ontketenen (waar hebben we dat nog gehoord?). Sergeant Blackburn komt hem op het spoor, maar zijn oversten geloven hem niet. In zijn schoenen moet je als speler dus de ramp afwenden. Wanneer blijkt dat de Russen zelf een onderzoek hebben gelanceerd, beginnen de gebeurtenissen in elkaar over te lopen. Het verhaal is echter niet bijster origineel te noemen, en een poging tot een asynchrone vertelstructuur kan slechts weinig hulp bieden.
     
    Het verhaal terzijde blijft de vraag of de singleplayer campagne aangenaam is om doorheen te worstelen. 'Worstelen' is echter een maar al te correcte woordkeuze, aangezien het vaker wel dan niet een heuse klus is om bepaalde levels af te werken. En dat ligt niet aan een hoge moeilijkheidsgraad of iets dergelijks, maar aan een ongelofelijk ver doorgedreven graad van scripting. Dat zijn we tegenwoordig gewend, maar hier zorgen de lineaire levels en quicktime events voor teveel frustratie. Op een bepaald moment word je opgedragen een vijand geruisloos om te brengen. Daarvoor is een mes nodig, en dat wordt dus meteen door de game in je handen gestopt. Wandel op de vijand af en een quicktime event begint, maar wandel íéts te dicht zonder op de juiste toets te drukken en je valt ter plekke dood neer. Zonder uitleg, zonder weerwoord. 
     
    Op het einde van een latere missie sta je onder vuur en moet je naar een helikopter lopen. Je kan er echter niet opspringen vóór al je achterophinkende medesoldaten erop zitten. De onzichtbare muur heft zich pas op wanneer iedereen aan boord is, en pas dan is het jouw beurt. Van zijn singleplayer moet Battlefield 3 het dus niet hebben, maar dat is ook niet de bedoeling. Ook de co-op campagne, waarbij twee spelers enkele missies aanpakken die zich verhaalgewijs naast de singleplayer campagne situeren, weet niet te overtuigen. De scripting is hier minder storend en de aanwezigheid van een maat doet veel, maar vooral dat laatste zegt al genoeg. Battlefield 3 is gericht op multiplayer.
     
     
    Gelukkig maakt de game zich daar absoluut geen illusies. Dit is door en door Battlefield. Ontzagwekkend grote maps worden bevolkt door een maximum van 64 spelers die voertuigen gebruiken om te geraken waar ze zijn moeten. Er is weinig ruimte voor een enkeling die zijn goesting doet. Dat blijft natuurlijk altijd leuk en spelen met de verschillende mogelijkheden blijft intrigerend, maar wie wil winnen zal moeten samenwerken. Battlefield 3 bevordert teamwork op allerhande manieren, waaronder de mogelijkheid om te spawnen op medesoldaten en ingenomen controlepunten. Ook zijn er nu slechts vier classes beschikbaar, waarvan het merendeel samenraapsels zijn van meer specifieke rollen op het slagveld. De Sniper bijvoorbeeld krijgt nu de C4 van de voormalige Spec Ops mee, maar waarom zou een sluipschutter pal in het midden van een gevecht lopen om C4 op een tank te steken?
     
    De multiplayer zelf is zeer aangenaam, maar er zijn hoepels genoeg waar je doorheen moet springen om er te geraken. Battlefield 3 maakt namelijk intensief gebruik van Origin, de digitale dienst die Electronic Arts op poten heeft gezet om de strijd met o.a. Steam aan te gaan. Origin lanceert zich via een browser naar keuze, waar de serverlijst zich ook bevindt. Snel tussen de soep en de patatten een server vinden zit er dus niet in. Dat gebeurt nu via Battlelog. Bezie het als een Facebook voor games, alleen wordt 'liken' nu vervangen door 'hooah-en'. Player received an item! Someone else gave a hooah! Er is zelfs geen beginmenu, alle opties moeten ofwel ingesteld worden via singleplayer ofwel pas na het joinen van de server. Je loopt dus al rond op het speelveld voor de WSAD-toetsen fatsoenlijk ingesteld zijn of terwijl je PC nog kraakt onder de onaangepaste grafische instellingen. Origin en Battlelog doen weinig af van de intense multiplayer ervaring, maar blijken telkens weer een vervelende doch overbrugbare drempel.
     
     
    Dit alles draait op het paradepaardje van DICE: Frostbite 2. En het mag gezegd worden, de game ziet er fantastisch uit. Eindeloos verstrekkende landschappen worden moeiteloos weergegeven, en wie over een degelijke PC beschikt kan genieten van een adembenemend schouwspel. Nog indrukwekkender is dat minder krachtige PC's en ook de consoleversies niet al te veel moeten inboeten aan visuele trucjes of grafische vlotheid. Zo mogelijk nog subliemer is het geluid. DICE staat ervoor bekend dat ze veel aandacht besteden aan wapengekletter en omgevingsgeluiden, en dat is hier meer dan duidelijk. Kogels vliegen voorbij de oren met overtuigende suizingen en ontploffingen klinken imponerend en nét dof genoeg. Alle voertuigen en wapens krijgen elk een eigen karakter door de geluiden die ze voortbrengen.
     
    Battlefield 3 weet zich dus te onderscheiden door een strakke presentatie en een intense multiplayerervaring. Het is maar goed dat het onderscheid zich op dat vlak bevindt, want de eerlijkheid gebiedt me te vermelden dat de singleplayer uiteindelijk neerkomt op een rechtstreekse kopie van die van Call of Duty: Modern Warfare 3. Games moeten natuurlijk op hun eigen waarden bekeken worden, maar de overeenkomsten zijn zó tergend opzichtig dat de vergelijking onvermijdbaar is. En Electronic Arts heeft er bovendien nooit een geheim van gemaakt dat het Activision van de troon wil stoten. Maar wanneer ik berichten zoals 'Friendly fire will not be tolerated!' letterlijk terugzie in Battlefield 3, dan kan ik deze laatste opmerking niet uit de weg gaan. 
    Conclusie: 

    Battlefield 3 weet met zijn sterke multiplayer zeker te overtuigen. De game ademt de juiste sfeer uit en biedt meer dan genoeg herspeelbaarheid. Enkel jammer dat Origin zich net zo doortastend opdringt als de scripting in de singleplayer campagne. Die is een welkome bonus, maar weet niet op eigen krachten te overtuigen en leunt te sterk aan bij de concurrentie. Het is hem bijgevolg puur om de multiplayer te doen.

  • Mario Kart 7

    Kies je favoriete personage, zoek het gewenste type kart uit, gooi er een setje wielen en zet er een deltawing op en je kunt beginnen met racen in Mario Kart 7. Zoals je al merkt is er een aantal veranderingen doorgevoerd in deze nieuwe Mario Kart. Ze komen helaas niet allemaal even goed uit de verf, maar ach… Mario Kart is normaliter een garantie voor plezier en dat is bij dit zevende deel zeker ook het geval.

    Nintendo’s funracer is in de basis redelijk onveranderd. Je racet over verschillende parkoersen tegen zeven tegenstanders en je kunt elkaar het leven zuur maken met allerlei items. De groene en rode schilden, de bananenschillen, de inktvis, de mushroom en het gevreesde blauwe schild zijn weer aanwezig, maar er zijn ook nieuwe power ups, zoals de vuurbal en de wasbeerstaart van Mario. Al deze items zorgen voor veel plezier en op sommige momenten voor wat woede of frustratie. Als je vlak voor de finish een blauw schild op je harsens krijgt en daardoor de eerste plek misloopt, dan is dat ontzettend frustrerend, maar dat hoort er een beetje bij vinden wij…

    Met zestien prachtige nieuwe circuits, waaronder een gloednieuwe Rainbow Road, en zestien circuits uit voorgaande delen, is er genoeg te racen. In de singleplayer kun je deze 32 circuits verdeeld over acht cups uitspelen in drie verschillende klassen. Ook kun je je vermaken met de time trails en de battlemodus. Echter zul je de singleplayer vooral aangrijpen om personages en kart-onderdelen te unlocken, want Mario Kart 7 is het leukst in de multiplayerstand.

    Dit kan zowel on- als offline en persoonlijk ben ik vooral online bezig geweest. Hier speel je ook tegen zeven tegenstanders. Het is eenvoudig om verbinding te maken en tegenstanders te vinden. Voor je weet zit je in de race en probeer je je tegenstanders het leven zuur te maken en zij het jouwe. De multiplayer heeft je snel in zijn greep en zorgt ervoor dat je de 3DS niet snel loslaat.

    Jammer is dat de vernieuwingen die Nintendo doorgevoerd heeft niet goed uit de verf komen. Je kunt stukjes vliegen met de deltawing en er is een propellor die ervoor zorgt dat je stukjes onder water kan rijden. Vooral dat laatste is jammer, want het maakt de game aanzienlijk makkelijker. In het begin viel ik wel eens van de baan af en stond ik al op het punt te vloeken, maar tot mijn verbazing ging het gewoon verder onder water. Van mij had dit niet gehoeven… Het upgraden/samenstellen van je kart is leuk bedacht, maar erg karig. Je kunt slechts drie dingen modificeren en de opties die je daarin hebt zijn miniem.

    De 32 banen die het spel rijk is zien er fantastisch uit. Ze zijn kleurrijk, hebben genoeg detail en kunnen zich aardig meten met Mario Kart Wii. De circuits zijn allemaal te aanschouwen in 3D en dat zorgt ervoor dat je de diepte nog beter ziet. Tijdens het racen hoor je vrolijke deuntjes en worden er grappige kreten door de personages uitgekraamd.

    Conclusie: 

    Mario Kart 7 is niet de topper zoals velen misschien gehoopt hadden, maar is desondanks een zeer leuke game geworden. Het zijn de vernieuwingen die niet helemaal goed uit de verf komen en de game misschien een beetje naar beneden halen. De mogelijkheid om onder water te rijden maakt het spel gemakkelijker en de deltawing draagt vrijwel niets bij. Ook het samenstellen van karts is dermate karig dat je er weinig aan hebt. Verder is alles pico bello in orde: het ziet er fantastisch uit, speelt erg lekker en is vooral online verslavend. Mario Kart 7 is een game waarvan iedereen kan genieten, maar er had meer ingezeten.

  • After Hours Athletes

    Een sport is pas leuk als je goed bent in het uitvoeren ervan. Je wordt namelijk al snel gek aangekeken wanneer je, vooral bij teamsporten, niet naar behoren presteert. Bij individuele sporten is dit minder het geval, maar nog altijd zijn de mensen meer in je geïnteresseerd als je de sport wel goed beoefend. Gelukkig zijn er in de loop der jaren verschillende dingen uitgevonden die je het sporten op de één of andere manier mogelijk maken. PlayStation Move met After Hours Athletes is daar een voorbeeld van.

    After Hours Athletes is een PlayStation Move game waarin de speler kan bowlen, darten en poolen. De disc bevat namelijk drie PSN-titels: Top Darts, High Velocity Bowling en Hustle Kings. Wanneer je de schijf opstart kom je terecht in een kroeg, waar je één van de spellen kan uitzoeken om te spelen. Vervolgens start het spel van je voorkeur en kun je gaan sporten als nooit tevoren!

    Ik begaf mij als eerste naar het dartbord van Top Darts. In Top Darts zijn allerlei soorten vormen van darts te spelen. Niet alleen het klassieke 501 en 301 zijn te spelen, maar ook ‘round the board en andere spellen zijn van de partij. Hierdoor is de kans groot dat jouw favoriete dartspelletje beschikbaar is. Het darten zelf gaat als vanzelfsprekend met de Move-controller, maar het vasthouden als een dartspijltje gaat in dit geval niet op. De controller is namelijk niet goed vast te houden als een dartspijltje, waardoor je al snel op een andere manier staat te gooien. Dit doet veel af aan de speelervaring. Iemand die je zou zien staan van een afstandje zou niet kunnen opmaken dat jij aan het darten bent, terwijl dat wel degelijk is wat je probeert. Grafisch ziet het spel er naar behoren uit en ook het aantal personages en omgevingen zijn van een voldoende niveau. Toch ontbreekt het echte darts-gevoel.

    Na een ietwat teleurstellend potje darts begaf ik mij richting de pool-tafel van Hustle Kings. Tot mijn grote vreugde leek dit spel wat degelijker in elkaar te zitten dan Top Darts, alhoewel de Move-controller ook hier niet als poolstok kan worden gezien. Toch werkt het accuraat schieten goed, alhoewel de controller regelmatig wat vreemd reageert op de stootslagen die je wilt uitvoeren. Het registeren van de kracht die je wilt uitvoeren op de bal gaat niet altijd gepaard met dat wat jij in gedachte had. Dit kan nog wel eens voor frustratie leiden wanneer een balletje net voor een gat blijft liggen. Grafisch gezien ziet Hustle Kings er goed uit voor een PlayStation Network-game. Ook het funky achtergrondmuziekje draagt bij aan een gezellige ervaring. Al met al is Hustle Kings dan ook een leuke partygame met hier en daar wat kleine foutjes.

    Als laatste ging ik op pad naar High Velocity Bowling, dé bowlgame voor de PlayStation 3. Al snel merkte ik dat de moeilijkheidsgraad van het bowlen wat aan de lage kant lag. Al snel heb je een beetje door hoe je de bal moet gooien en dit neemt wat spanning weg. Toch leek na een tijdje een strike niet meer vanzelfsprekend te zijn. De verschillende personages zijn voorzien van specifieke kwaliteiten, waardoor je een weloverwogen keuze moet maken. De humor in de game is van een goed niveau wat zorgt voor een luchtige ervaring. Het kiezen van speciale bowlingballen zorgt voor de nodige verdieping in de game. Het is enkel de moeilijkheidsgraad die wat roet in het eten gooit.

    Wat wel een doorn in het oog is, is het switchen van spel. Het is niet mogelijk om na het kiezen van een spel van spel te switchen. Hiervoor zul je het gehele spel moeten afsluiten en opnieuw moeten opstarten. In feite is er dus weinig verschil met de drie losse games, wat zonde is.

    Conclusie: 

    After Hours Athletes is een collectie van drie games die een voldoende scoren. Alle drie de games zitten goed in elkaar, maar kennen wel de nodige gebreken. Top Darts lijkt eigenlijk niet op darts, Hustle Kings heeft wat moeite met de registratie en High Velocity Bowling is wat aan de makkelijke kant. Al met al is de collectie leuk voor een avondje met vrienden, maar een uitstapje naar de kroeg krijgt toch duidelijk de voorkeur, alhoewel niemand daar ooit aan zal twijfelen…toch?

  • Dragon Quest Monsters: Joker 2

    Sinds het immense succes van de vele Pokémon-games hebben vele Japanse ontwikkelaars geprobeerd mee te liften op Gamefreaks geldtrein. De kwaliteit en het succes van deze games was uiteraard wisselend, maar voor elke goede game waren er tien slechte. Square-Enix kwam met Dragon Quest Monster: Jokers, een Poké-kloon in de stijl van de welbekende Dragon Quest-reeks. De game werd overwegend positief ontvangen, wat de aanzet heeft gegeven tot dit vervolg.

    In Dragon Quest Monster: Jokers 2 verstop jij je als Monster Scout in spe als verstekeling aan boord van luchtschip de Albatross. De Albatross is onderweg naar de Monster Scout Challenge, het grootste evenement voor Monster Scouts ter wereld. Uiteraard gaat er weer eens iets mis, waardoor het schijt de ventilator raakt. De Albatross stort neer op een ‘’onbewoond’’ eiland waarbij de inzittenden over het eiland verspreid worden. Aan jou de taak om de inzittenden en een ontsnappingsroute te vinden.

    Dit avontuur beleef je niet alleen, want op het verlaten schip is nog een tam monster wat jij je toe-eigent. Op dat moment gaat het hek van de dam en kan het verzamelfeest beginnen. In Dragon Quest Monster: Jokers 2 is het overbekende Gotta Catch ‘Em All principe alom vertegenwoordigd. Er zijn maarliefst ruim driehonderd verschillende monsters om aan je offensief toe te voegen. In DQM 2 tem je monsters door, tijdens een van de vele turn-based gevechten, je monsters een krachtvertoning op te laten voeren. Indien je tegenstander voldoende geïmponeerd is zal deze zich aan jouw  zijde voegen. Je kunt tot maximaal honderd monsters in je bezit hebben, hierdoor is een complete verzameling op een save-file uitgesloten.

    In de eerste alinea wordt DQM2 schertsend afgedaan als een Poké-kloon. Toch kent de game genoeg eigen kenmerken om boven deze titel uit te stijgen. De meest prominente is het audiovisuele aspect. Zowel de wereld als de gevechten worden in, voor DS begrippen, prachtig 3D weergegeven. De muziek komt regelrecht uit de canon-games, maar weet toch op de goede momenten vaak de goede snaar te raken. Anderzijds heb je het aspect van synthesysen. Door je zuurgetrainde monsters te combineren kun je de levelcap van je monsters ophogen en door tactisch samenvoegen elke skill tree aan elk monster toekennen. Het nadeel van deze extra tactische laag is dat je monsters wegwerpproducten worden in plaats van waardevolle gevechtspartners. Het product van de samenvoegingen is vaak nauwelijks beter dan het bronmateriaal en begint weer op level een, waardoor je vaak het gevoel hebt geen vooruitgang te boeken.

    Wanneer je hebt eiland getrotseerd hebt, is de tijd aangebroken om de competitie online op te zoeken. De servers van DQM2 zijn druk bevolkt door met name Aziaten. Vooral Japanners zijn gek van de serie. Toch zal dit niet lang aanhouden, nu Japan exlusief de Professional Edition krijgt met meer dan honderd nieuwe monsters en skill trees. En wij? Wij mogen nu net aan de slag met het origineel.

    Conclusie: 

    Dragon Quest Monster: Jokers 2 is een van de beste games die Square Enix de afgelopen jaren heeft afgeleverd. Om de game het bastaard kind van Pokémon en Dragon Quest te noemen zou het te kort doen. De game heeft genoeg eigen, goede elementen maar zet daar ook slechte tegenover. Toch is het een aanrader voor iedereen die iets met Pokémon, Dragon Quest of JRPG’s heeft.

  • Halo: Combat Evolved Anniversary

    Halo: Combat Evolved was tien jaar geleden dé reden dat ik al mijn kerstgeld overboord gooide om een Xbox aan te schaffen. De science-fiction shooter tilde eigenhandig het FPS genre naar een nieuwe hoogte en introduceerde features die de standaard zijn geworden in FPS-games. Denk maar een regenereerde health. Weinig games die een remake zo erg verdienen als de eerste Halo. En nu hebben we die.

    Zoals gezegd is Halo: Combat Evolved Anniversary een HD-remake van dé blockbuster van de originele Xbox. Een verdomd goede remake, al zeg ik het zelf. Waar we bij vele remakes van hoogstens een grafische update en enkele tweaks mogen spreken, lijkt de Halo wereld compleet opnieuw opgebouwd. De gebouwen zijn veranderd van grijze blokken naar ware buitenaardse kunstwerken vol detail. Wie zelf het verschil goed wilt ervaren, hoeft niet zijn oude Xbox weer van zolder te halen maar kan simpelweg op de back-button drukken om de graphics van de originele Xbox te voorschijn te toveren. Kijk maar eens naar levendig grasveld voor sprieten en bloemen die zwaaien in de wind, druk op de back-button, en wees geschokt.

    Qua impact heeft Halo:CEA nog niets aan kracht verloren. Het verhaal blijft even meeslepend als tien jaar geleden, en nog evenveel in mysterie gehuld. Toch geeft Halo:CEA je een paar kleine antwoorden die tot nu uitgebleven waren. In de levels zijn terminals verstopt die je kleine beetje informatie en diepte geven in de wereld van Halo. Toch is het niet enkel goud dat er blinkt. De houterige animaties en vreemde bugs die in de Halo van 2001 verborgen zaten vallen anno 2011 enorm op. Spijtig, aangezien je dit toch weer even uit de vibe haalt en je eraan herinnert dat je een tien jaar oude game zit te spelen. Iets wat je snel genoeg weer vergeet als je de AI-boost van de Covenant ziet, wanneer je voor het eerst tegenover een duo hunters staat, of wanneer je in een duister hol zit tijdens je eerste ontmoeting met de Flood.

    De kracht van de originele Halo zat niet enkel in de singleplayer, al was deze van zeer hoge kwaliteit. Vele mensen zullen Halo herinneren vanwege de multiplayer. Een multiplayer die even simpel was als geniaal. Een multiplayer die vele mensen uren, dagen, maanden of jaren aan de buis gekluisterd hielden. Een multiplayer die hét onderwerp was op vele fora en gamesites. Een multiplayer die Halo:CEA niet gehaald heeft….wacht, wat! Jawel, 343 industries heeft de complete multiplayer van de originele game op de schop genomen. In plaats daarvan krijgen we een Halo: Reach multiplayer met maps die gebaseerd zijn op de levels uit de singleplayer. Het is een schande, een schande zeg ik je. Maar toegegeven het werkte voor Reach, en dat doet het nu nog. Ik had liever beiden gezien en dat we konden kiezen, maar ja, een mens kan niet alles hebben.

    De nieuwe multiplayer is niet de enige vernieuwing. Zo heeft 343 ook de skulls uit Reach hun intrede laten doen in CEA. En wat een genot is het om een grunt als Pinãta te gebruiken waarbij het bij elke klap ammo regent. Ook de challenges zijn nieuw. Je speelt levels of delen van levels uit de singleplayer, waarbij je speciale doel(en) moet behalen. Een leuk extraatje die de speelduur met een paar uur verlengt. De meest opzienbarende vernieuwing is echter de co-op ondersteuning. Waar je bij de originele Halo vaak met je vrienden kon bekvechten over wie er nu aan de beurt was, kan je hem nu gewoon een controller in de handen stoppen en samen dood en verderf zaaien.

    DLC:
    Halo: Combat Evolved Anniversairy wordt, wanneer nieuw gekocht, standaard gebundeld met maar liefst vijf download codes. Deze geven je respectievelijk de Grunt Funeral Skull, een master chief suit voor je mannelijke en vrouwelijke avatar, twee gratis dagen Xbox Live Gold en de multiplayer maps van CEA voor Reach. Kijk dat noem ik pas service.

    Conclusie: 

    Halo: Combat Evolved Anniversairy is niet zo zeer een remake als dat het een eerbetoon aan de originele Halo game is. Door de enorme audiovisuele update, kleine tweaks en toevoegingen en verbeterde AI voelt en oogt de game fris en fruitig. Toch is het spijtig dat de gebreken van de originele Halo veelal overgeheveld zijn naar deze versie en dat de multiplayer niet op het niveau zit van tien jaar geleden. Maar voor een prijs van veertig euro en de toevoeging van vijf codes mogen wij niet klagen.

  • GoldenEye 007: Reloaded

    Ico & Shadow Of The Colossus HD, Prince Of Persia HD Trilogy, The Legend Of Zelda: Ocarina Of Time 3D, God Of War HD Collection Volume I & II, Pokemon HeartGold & SoulSilver, Kingdom Hearts Re:Coded, Beyond Good & Evil HD, Dragon Quest: Realms Of Reverie, Street Fighter IV: Arcade Edition, Starfox 64 3D, Super Mario 64 DS, Call Of Duty Classic, Tomb Raider: Triology, Resident Evil 4, Sonic Adventure DX, Ultimate Marvel VS Capcom 3, Diddy Kong Racing DS, Fire Emblem: Shadow Dragon, Cave Story 3D. Het is slechts een kleine greep uit de vele games die een remake of heruitgave hebben ontvangen. Een trend die steeds populairder wordt met in deze periode Halo: Combat Anniversairy Evolved en GoldenEye 007: Reloaded.

    Het recenseren van een remake gaat iets anders dan bij een reguliere game. Waar je bij een normale game bekijkt of het vernieuwend is of juist gestaag voorbouwt op de ingeslagen weg, moet je je bij een remake drie vragen stellen. De eerste vraag is: Was de originele game relevant genoeg voor een remake? Om antwoord te geven moeten we terug naar de tijd van de Nintendo 64. Een tijd waarin multiplayer zich beperkte tot je vrienden op de bank en filmische actie niet standaard was. Terug naar de GoldenEye van veertien jaar geleden.

    GoldenEye 007 onderscheidde zich van genregenoten door een door adrenaline aangedreven avontuur te bieden dat niet onder deed voor zijn grote broer op het witte doek. Hoewel de singleplayer zeer degelijk was, was het de multiplayer waar veel oudere games met warme gevoelens aan terug denken. Vele uren zijn verloren gegaan in het spelen van een van de succesvolste 3D First Person Shooters. Relevant was de game in die tijd dus zeker.

    De tweede vraag is: Is de game nu ook nog relevant? In het geval van GoldenEye is dit discutabel. Behalve het feit dat de verkooppunten van GoldenEye hedendaags niet bijzonder meer zijn, is er vorig jaar al een remake verschenen, voor de Wii, die superieur aan deze versie is. Wie speelt er nu nog echt een shooter om het verhaal? Helaas bijna niemand. En de multiplayer is nogal retro en kan amper tegen de kleine teen van grootmachten als Killzone, Halo, Gears Of War, Call Of Duty, Resistance & Battlefield schoppen.

    De derde en meest belangrijke vraag is: Hoe is de afwerking? Als een game origineel niet zo goed was, kan er een hoop verbeterd worden om het nog een toffe titel te maken. Iets wat de makers van GoldenEye 007: Reloaded niet goed begrepen hebben. De game is geupdate zodat het hedendaagse elementen zoals een smartphone bevat, maar daar is het ook wel mee gezegd. De animaties zijn nog steeds hopeloos achterhaald, je kunt een gast in je kop schieten en dan grijpt die naar ze kruis. Graphisch kan de game amper met de huidige standaard mee door lelijke kartelrandjes en gebrek aan details. Stealth onderdelen zijn nog altijd niet de moeite waard om te sluipen in plaats van te schieten. De multiplayer moet het nog altijd hebben van de gouwe ouwe als Deatchmatch. Het enige nieuwe op dit vlak zijn de MI16 missies. Dit zijn aangepaste versies van de singeplayer missies waarin spelers bepaalde (non-story) objectives moeten verwezelijken. Erg vermakelijk maar ze zullen je niet lang bezig houden. Wat voor de rest van de game eigenlijk ook geldt.

    Conclusie: 

    GoldenEye 007 is een game die in 2011 geen enkele poot meer heeft om op te staan. De graphics, gameplay en opbouw zijn hopeloos verouderd. De multiplayer is overal in een betere vorm te vinden en het Reloaded deel te verwaarlozen. Reloaded betekent in dit geval enkele matige updates en wat extra missies, of zoals ik het noem GoldenEye 007: Easy Money. Nostalgie is het grootste pluspunt, gebrek aan content het grootste minpunt.

  • The Legend of Zelda: Skyward Sword

    Met The Legend of Zelda: Twilight Princess kreeg de GameCube een waardig afscheid en de Nintendo Wii een parel van een launchgame. Vanaf dat moment is men bij Nintendo keihard aan de slag gegaan met de nieuwe Zelda-game: Skyward Sword. Na vijf jaar experimenteren en ontwikkelen kwam The Legend of Zelda: Skyward eindelijk uit en zijn we aanbeland bij misschien wel de nadagen van de Nintendo Wii. Krijgt de Nintendo Wii met Skyward Sword net zo’n waardig afscheid als de GameCube?

    De cell-shaded stijl van the Windwaker en de wat meer realistische looks van Twilight Princess worden in Skyward Sword gecombineerd tot een kleurrijk, aquarelachtig geheel. Skyward Sword laat de pracht van de verschillende elementen van Hyrule zien. Van kleurrijke, levendige bossen tot dorre en droge woestijnen en van het prachtige luchtlandschap Skyloft tot het vulkaanlandschap van Eldin, het ziet er allemaal fantastisch uit voor Wii-begrippen.

    Qua muziek zul je naast de bekende deuntjes ook nieuwe deuntjes horen, zoals je gewend bent uit de serie. De muziek versterkt in sommige gedeeltes de sfeer en dient op andere momenten als mooie achtergrondsound. Voice-acting is niet aanwezig in deze game. Nintendo houdt vast aan hun vaste code, wat betekent dat de personages wel een stem hebben, maar die slechts voor bepaalde kreten gebruiken. De conversaties worden ouderwets als tekst weergegeven op het beeldscherm. Eigenlijk snap ik het wel, want Nintendo laat hierdoor voor iedereen wat ruimte over om het karakter van personages zelf aan te vullen. Voor een game als Zelda lijkt dit het beste. Ik kan me niet indenken dat Link ineens hele volzinnen spreekt. Overigens wordt de tekst dusdanig weergegeven, dat je wel een idee hebt hoe het zou klinken als het gesproken zou worden.

    Zoals eerder al gemeld, is Skyloft de wereld waarin je start. Deze wereld ligt ver boven de wolken en de meeste mensen daar weten niet van het bestaan van een wereld onder de wolken, laat staan dat ze er zijn geweest. Omdat jij de aangewezen held bent, zul jij die wereld wel opzoeken. Om deze wereld te bezoeken, of andere luchteilanden, maak je gebruik van je vogel, welke je bestuurt door je Wii-remote te kantelen.

    De maingame speelt zich voornamelijk onder de wolken af. Hier kom je terecht op verschillende plekken en op die plekken zijn verschillende tempels verstopt. De gameplay is zoals we die in Zelda gewend zijn, namelijk het bezoeken van kerkers en het oplossen van diverse puzzels met de items die je gaandeweg oppikt. Echter zijn er wat minder tempels dan in andere Zelda-games, maar wees niet getreurd: de weg naar iedere tempel is eigenlijk al een tempel op zich. Meestal als je in een nieuw gedeelte onder de wolken belandt, begin je direct aan een grote puzzel, die eigenlijk pas afgelopen is aan het einde van de tempel. Meestal ben je daar wel even zoet mee.

    Dat geldt overigens ook voor de algehele game. De hoofdgame zal je ongeveer zo’n veertig uur in zijn greep houden, maar als je de vele sidequests en minigames ook nog wil spelen, dan kan je er nog wel wat uurtjes bij optellen. Gaandeweg de game zul je wel wat aan het backtracken komen, maar ook hier heeft Nintendo ervoor gezorgd dat de werelden totaal anders zijn, dus je doet nooit twee keer hetzelfde. Wat ook getuigt van enorm spelinzicht is het feit dat je na vrijwel iedere puzzel die je oplost om verder te komen, de wereld kunt beïnvloeden zodat er een shortcut ontstaat.

    De puzzels in de game laten je meestal één of meerdere van je gebruiksvoorwerpen gebruiken. De bekende Bombflowers en Slingshot zijn onder andere weer terug, maar er is ook een Beetle waarmee je hoge plekken kunt bereiken en schakelaars kunt omzetten waar Link zelf niet bij kan. Later wordt deze zelfs nog geüpgrade, waardoor je voorwerpen als Bombflowers kunt oppikken en droppen. Dit soort slimmigheden zorgt voor enorm uitdagende en leuke puzzels.

    Naast de mooie, en goed ontwikkelde puzzels zul je ook een groot deel van de game vechten. Dit doe je onder andere met je zwaard, pijl in boog en slingshot. Het leuke is dat vrijwel alles middels bewegingen bestuurd wordt. Skyward Sword maakt namelijk optimaal gebruik van de Wii MotionPlus. Eigenlijk laat Nintendo nu pas zien waartoe de Wii met haar besturing in staat is.

    Met soepele en korte bewegingen kun je bijvoorbeeld je zwaard bewegen. Een verticale slash in je huiskamer is ook een verticale slash op je beeld en als je een stekende beweging maakt, dan doet Link dat op het scherm ook. Probeer maar eens rustig een rondje te draaien met je zwaard en je zult zien dat het werkt! Dat geld trouwens ook voor de wapens zoals de slingshot, waarmee je een vizier moet richten op jouw doel. Dit werkt zeer nauwkeurig en Nintendo heeft goed nagedacht over het eventueel buiten beeld richten. Als het even niet lukt, dan druk je op de vierpuntstoets naar beneden en je cursor is weer in het midden. De besturing in deze game is van dergelijke klasse dat je eigenlijk niet meer met knoppen wilt spelen. Chapeau voor dat, want dit hebben we nog maar weinig gezien in die vijf jaar dat de Wii op de markt is.

    De presentatie in de game is ook van ijzersterk niveau. De menu’s zijn zeer overzichtelijk en het schakelen tussen items en dergelijke gaat, mede dankzij de fenomenale besturing, ontzettend gemakkelijk. Daar waar ik in andere Zelda-games nogal eens op een dood spoor kwam, is het in Skyward Sword allemaal net wat logischer en duidelijker. De aanwijzingen die je krijgt zijn meestal precies goed: ze kauwen het je niet voor, maar het is ook niet eindeloos zoeken. Dat geldt ook voor het verkrijgen van items en upgrades: meestal hoef je er niet te lang voor te zoeken, maar je moet er wel wat moeite voor doen.

    In het spel zul je de strijd aangaan met diverse vijanden en zoals ik al eerder zei, komt hier de Wii MotionPlus besturing bij kijken. Vaak kun je zien aan een vijand hoe je hem moet raken. Houdt meneer zijn zwaard verticaal voor zich, dan zul je hem met een horizontale slag weinig schade toe brengen, maar anticipeer je met een verticale slag, dan heb je even de tijd om los te gaan. Voor eindbazen geldt ook dat je goed moet nadenken over de manier van aanvallen en verdedigen, want ook je schild zul je regelmatig nodig hebben. Overigens zijn ze over het algemeen van een pittig niveau, maar oefening baart kunst.

    Conclusie: 

    The Legend of Zelda: Skyward Sword laat ontzettend goed zien wat de Nintendo Wii, en met name de Wii MotionPlus, in haar mars heeft. Er is geen enkele game op de markt waarbij de bewegingsgevoelige besturing zo goed is als in Skyward Sword. Daarnaast zijn de tempels en de werelden daaraan vooraf enorm goed in elkaar gevlochten, waardoor je het gevoel hebt dat je met een grote, indrukwekkende puzzel bezig bent. Deze los je op door optimaal gebruik te maken van je items en vaardigheden en tussendoor zul je behoorlijk wat gevechten aan moeten gaan. De verhaallijn zal je zo’n veertig uur zoet houden en daarnaast zijn er nog vele sidequests. O… en laat ik niet vergeten dat de presentatie en het uiterlijk van de game enorm goed zijn. Beste Wii-game? Absoluut!

  • The Adventures of Tintin: The Secret of the Unicorn - The Game

    Na zoveel jaren komt Kuifje, de stripheld van tekenaar Hergé, naar de bioscopen. Steven Spielberg regisseerde de film en het publiek is er vol lof van. Bij een film hoort natuurlijk een filmgame. Zulke zijn zelden tot nooit goed genoeg, iets wat door de korte ontwikkelingsperiode kan komen. Daarom mogen wij onszelf de vraag stellen: ‘Maakt de Kuifje, ofwel Tintin, daar verandering in?’

    Die vraag laten we nog even terzijde en we doen eerst het verhaal uit de doeken. De plot is ongeveer hetzelfde als de gelijknamige film. De Kuifje-strips ‘De krab met de gulden scharen’, ‘Het geheim van de Eenhoorn’ en ‘De schat van Scharlaken Rackham’ worden hierin samengesmolten tot een goed en duidelijk geheel. Op een rommelmarkt koopt Kuifje een model van de Eenhoorn, een 17-eeuwse Franse oorlogsschip. Plots duikt er een man op die het modelschip, ongeacht de prijs, van hem wilt over kopen. Kuifje weigert en het dringt tot hem door dat er iets vreemds aan de hand is. Even later vindt hij een oud perkament dat in het model verborgen zat. Meteen daarna wordt het schip gestolen door dezelfde man als voorheen, maar gelukkig krijgt die het perkament niet in handen. Kuifje wilt weten waarom die man er zo in geïnteresseerd is en vastberaden start hij met het oplossen van het mysterie.

    Dat geheim van de Eenhoorn brengt Kuifje de hele wereld rond. Eerst bevindt hij zich nog in België, waarna hij zich bevindt op een schip en daarna voet zet in Azië. In elk van de omgevingen speel je afwisselend in 3D en 2D. De 2D-gedeelten vormen het grootste gedeelte van de game. Het is een simpele platformer waar je van platform naar platform loopt, kruipt en springt. Om de zoveel tijd mag je even in 3D verdergaan om bijvoorbeeld met Kuifjes hond Bobby te spelen om zo sleutels of schatten te vinden. Je mag soms een vliegtuig en een motor besturen met de bedoeling vijanden neer te maaien. Later in het verhaal kruip je in de huid van Sir Francis Haddoque, de voorvader van kapitein Haddock én de kapitein van de Eenhoorn.

    Hoewel er op het eerste zicht veel variatie is, valt het best tegen. De platformlevels mogen zich dan wel op andere plaatsen afspelen, toch doe je eigenlijk steeds hetzelfde. Je gaat steeds op dezelfde manier van de ene kant van het level naar de andere. Na een tijdje krijg je best een déjà-vu gevoel. Een tip daarvoor kan zijn om het spel niet uren aan een stuk te spelen, maar gewoon eens tussendoor omdat je er zo veel meer plezier uit kunt putten.

    Vooral kleinere kinderen zullen het meeste plezier kunnen beleven aan Tintin. Je merkt dat de makers zich op het kleine publiek richten. Het spel is makkelijk, je zult zelden het loodje leggen. De ‘puzzels’ waar je de masten van de miniatuurschepen moet omdraaien om zo een afbeelding van een eenhoorn te verkrijgen, zijn op meteen opgelost. Ook de vijanden die je tijdens je platformavonturen tegenkomt gaan met enkele drukken op de knop neer. Vervolgens krijg je sterretjes te zien die rond de neergeslagen tegenstander zijn hoofd draaien. Nooit is er een druppel bloed te zien. Eigenlijk is dat niet zo erg, want het is best grappig om te zien.

    De grafische stijl brengt ook zo zijn eigen humor met zich mee. Personages hebben lange neuzen en dikke snorren. Het cartoonachtige stijltje – dat ongeveer hetzelfde is als de film- is zeker en vast tof om naar te kijken, maar de graphics zijn zeker niet de beste. Daarnaast heeft de game last van bepaalde technische foutjes zoals wanneer personages aan het hoofd krabben, een deel van hun vingers verdwijnen en meerdere laadtijden per level. Maargoed, de fans worden goed bediend. Daar kunnen we daarentegen niet over zeuren. Voor wie de strips, tekenfilms of de film kent, is het een feest van herkenning. Kapitein Haddock kom je al vroeg in het spel tegen, maar ook de operazangeres Bianca Castafiore en Jansen en Jansen passeren de revue, al dan niet in een beperkte mate. Het plaatje wordt compleet gemaakt met goed ingesproken Vlaamse stemmen. Niets is leuker dan Haddock welgemeend ‘Duizend bommen en granaten’ te horen roepen. De Engelse stemmen verdienen daarnaast ook lof.

    Als de aftiteling na ongeveer vijf/zes uur – ondergetekende is een redelijk trage gamer – van je scherm rolt, heb je nog niet alles gedaan. Je kunt alleen of met een vriend in co-op spelen. De extra levens spelen zich in de dromen van Haddock af, maar verder biedt het niet veel nieuws. Lijkt dit je niets, dan kun je aan de slag met enkele uitdagingen. Hierin gebruik je motoren, vliegtuigen en zwaarden om van je tegenstander te winnen door hem bijvoorbeeld zo snel mogelijk te verslaan. Het verlengt de speelbaarheid van Tintin wel, maar enkel en alleen als je nog niet uitgekeken bent op de onze Brusselse reporter. Anders heb je geen reden om de lichtjes magere extra’s nog te spelen.

    Conclusie: 

    The Adventures of Tintin: The Secret of the Unicorn – The Game zeker geen slechte filmgame. Het verhaal is, net als dat van de film, duidelijk en dus goed te volgen. Er mag dan wel best wat afwisseling zijn qua omgevingen en dergelijke, maar de 2D-levels worden na verloop van tijd redelijk eentonig. Dat komt omdat je daarin vaak hetzelfde doet. Je hebt minder last van de herhaling in de levels als je het spel slechts tussendoor speelt. De moeilijkheidsgraad is makkelijk, maar aangezien het bedoeld is voor een kleiner publiek, is dat niet per se een minpunt. Positief is wel de humor en het toffe grafische stijltje dat je spontaan aan de film doet denken. De bekende personages geven hetzelfde effect. De Vlaamse voice acting maakt dat plaatje compleet. Jammer zijn dan wel weer de technische mankementjes samen met de magere co-op en uitdagingen.

  • Skylanders: Spyro's Adventure

    Op de redactie zijn er twee ras echte verzamelaars. Kenny en Sil bezetten hun huis met tientallen games, posters, goodies en dergelijke zaken. Het is om deze reden dat het uit de kluiten gewassen kleuterduo bij uitstek geschikt is om Skylanders te reviewen. Skylanders wordt namelijk gespeeld met poppetjes, speelgoed poppetjes wel te verstaan. Dus waar ze spelen ze liever mee, Skylanders de game of Skylanders de poppetjes?

    Kenny:

    Voordat iemand die opmerking maakt: poppetjes zijn niet enkel voor meisjes. Daarom noem ik het liever ‘figuurtjes.’ Maargoed, zonder die figuurtjes kun je de game niet spelen en zonder de game kun je technisch gezien niets met die poppetjes doen. Hoewel ze wel je kast opfleuren. Skylands was eens ook fleurig. Het is een wereld van allerlei zwevende eilanden bovenin de lucht. Iedereen was gelukkig. Tot Kaos de schurk, de zogenaamde Core of Light vernietigde en alle Skylanders bevroor. Deze stuurde hij naar de aarde, waardoor ze zijn plannen niet kunnen dwarsbomen. Enkel jij, de Portalmaster, kunt ze via het portaal dat bij de game zit, terug tot leven wekken en naar de Skylands terugbrengen.

    Sil:

    Door de bijgeleverde figurines op de Portal Of Power te plaatsen worden de figurines in de game tot leven gewekt. Standaard wordt de game geleverd met Gill Grunt, een visman met een harpoen geweer annex Super Soaker, Trigger Happy, een maniak met zwaar geschut, en Spyro, een oude bekende die hopelijk geen uitleg behoeft. Uitzondering hierop is de 3DS-versie die Dark Spyro met zich meedraagt. Wanneer je je figurine gekozen hebt, begint het avontuur. Skylanders is een zeer simpele Hack & Slash-game, wat inhoudt dat je vooral vijanden en omgevingen sloopt met button bashen.

    Kenny:

    Inderdaad, maar het woord ‘simpel’ mag ook gebruikt worden op het vlak van de moeilijkheidsgraad. De vijanden die je met enkele verschillende aanvallen te lijf gaat, liggen na enkele drukken op de knoppen tegen de vlakte. De moeilijkheidsgraad, op de latere puzzels en de gevechten met Kaos na, is redelijk makkelijk. Toch deert het niet zoveel aangezien het een game voor kinderen is. Dat valt ook te merken aan het leveldesign. Daar waar de graphics er wat normaaltjes uitzien, zijn de omgevingen vrolijk en kleurrijk. Tevens verschillen ze enorm van elkaar. Je zult zowel vijanden bevechten op de zwevende eilanden als in grotten en stadjes.

    Sil:
    Tuurlijk is het een kindergame. Dat is echter niet bij voorbaat een probleem. Hoewel simpel is de game zeker vermakelijk. De aanvullende figurines zijn natuurlijk een gimmick om geld uit de zakken van ouders kloppen en zijn tastbare DLC. Ik heb er echter geen probleem mee, de figurines zijn stevig en bijzonder gedetailleerd en mooi afgewerkt. Dat je om alles compleet te krijgen ruim 300 euro kwijt bent, laten we maar even buiten beschouwing. Dat is nu eenmaal goede marketing. De Skylanders geven je toegang tot extra karakters en kleine extra gebieden. In Adventure packs kun je daarbij ook nog complete extra levels of items vinden. Waar ik ook over te spreken ben is dat ook de moeite is gedaan om de game goed te vertalen en Nederlands in te spreken. Nederlandse voice-acting in games staat nog redelijk in de kinderschoenen, niet gek dus dat het allemaal nogal matig wordt ingesproken.

    Kenny:

    Een simpele oplossing voor de kwaliteit van Nederlandse voice-acting is door het spel gewoon in het Engels te spelen. Maarja, niet elk kind kan evengoed Engels. Om de grappen in de game te kunnen snappen, is de Nederlandse taalinstelling wel noodzakelijk. De personages die je tegenkomt zijn simpel qua animatie, maar kunnen voor grappige toestanden zorgen. Tussendoor hoor je de goede muziek, gecomponeerd door Hans Zimmer (Pirates of The Caribbean etc.). Dat zit allebei dan wel weer goed. Hetzelfde kan gezegd worden over de RPG-elementen. Wederom een simpel concept, maar het werkt. Er zijn veel spulletjes te verzamelen om je Skylanders te verbeteren. Een feesthoed zorgt bijvoorbeeld voor meer verdediging. Erg geloofwaardig is het niet, maar het ziet er grappig uit én het werkt. Verder kun je door de diamanten en dergelijke die je vindt, je wezentjes upgraden. Zo maak je hun wapens sterker, geef je ze een groter bereik of krijg je er nieuwe. Ze verkrijgen ook nieuwe mogelijkheden en noem maar op. Er valt heel wat te doen in Skylands.

    Sil:

    Het meest noemenswaardige is uiteraard het blijven upgraden van je Skylanders die je erbij koopt en deze daarna gebruiken om samen te spelen. Ten eerste kun je in co-op spelen, waarbij platform geen restrictie is. De Skylanders hebben een geheugenchip die al je upgrades, geld en power-ups bewaart. De Skylanders die je upgrade op bijvoorbeeld je 3DS kunnen daarna gebruikt worden op de Portal van iemand anders waarbij het niet uitmaakt of deze speelt op een 3DS, PC, Wii, 360 of PS3. Natuurlijk kun je ook tegen elkaar spelen om te zien wie de beste Skylanders heeft. Je speelt dan een duel in een soort arena. Juist doordat het figurine-concept zich zo goed leent voor multiplayer is het onbegrijpelijk dat er geen online gameplay mogelijkheid is. Een gemiste kans Activision. Na de acht uur die je in de singleplayer kwijt bent, wil je toch ook online kunnen spelen.

    Kenny:

    Hier moet ik je tegenspreken Sil. Voor mij zou een online-luik niet per se nodig zijn, het zou een beetje ontgebalanceerd zijn met al die verschillende soorten Skylanders. De ene zou al wat meer extra figuurtjes gekocht hebben om anderen het nakijken te geven bijvoorbeeld. Met de singleplayer, het spelen met vrienden naast je en de extra challenges ben je volgens mij al voldoende tijd zoet. Ouders zullen mij misschien ook wel gelijk geven. Hun zonen of dochters zullen zo meer dan genoeg hun mond houden, maar niet te lang, zodat ze ook nog hun huiswerk kunnen maken. Op deze manier is iedereen blij.

    Sil:
    Zet een limiet van drie Skylanders per persoon op een online match en probleem opgelost. Iedereen heeft er standaard drie dus dan is dat geen beperking. Ik eis een vervolg met online multiplayer en meer figurines. Laat deze trend leven, denk maar eens aan figurine-games van Pokémon, Transformers, Yu-Gi-Oh! of Naruto. Ik zeg laat maar komen.

    Conclusie: 

    Skylanders is een kindergame is de puurste zin van het woord. Lage moeilijkheidsgraad, vrolijk, kleurrijk en natuurlijk de figurines. Toch biedt het voor een kindergame bijzonder veel diepgang. De figurines zijn goede marketing maar voegen zeer zeker wel een extra dimensie toe aan de gameplay. Dat je heel diep in de buidel moet tasten om je collectie compleet te krijgen is een bittere pil, maar niet zo bitter als de magere multiplayer.

  • Call of Duty: Modern Warfare 3 Wii

    Treyarch is er in het verleden goed in geslaagd om de zinderende Call of Duty-actie uit de hardware van de Wii te persen. In Call of Duty: Modern Warfare 3 Wii krijg je dezelfde campagne en multiplayer, die furore maken op de Xbox360, PlayStation 3 en de PC, voor het vizier geschoven. Slaagt Treyarch er dit keer opnieuw in om de verslavende speelervaring naar de Wii te brengen of is MW 3 een pijnlijke reminder dat de dagen van de Wii zijn geteld?

    De campagne van MW 3 is een rechtstreeks vervolg op MW 2. De flinterdunne plot volgt de klopjacht op de oorlogsgeile Makarov, die, in de nasleep van de derde wereldoorlog, de lont opnieuw in het kruit tracht te werpen. Tussendoor moet je in Afrika een mysterieuze lading onderscheppen en probeer je de vredesgezinde Russische president en zijn dochter uit de handen van Makarovs trawanten te houden. Het inspiratieloos verhaaltje dient eerder als een smoes om de globetrotter uit te hangen; je bestormt het gebombardeerde New York, op de stranden van Hamburg doe je D-day dunnetjes over en je bespioneert een warlord in de zengende Afrikaanse hitte.

    Het weinig vernieuwende leveldesign in MW 3 is zoals we die van een typische Call of Duty-game kunnen verwachten. Chaotische massaslagvelden worden afgewisseld met meer persoonlijke confrontaties en af en toe neem je plaats achter zwaar geschut in railshootersequenties of bestook je van op grote hoogte het strijdtoneel met raketten en bommen. Spijtig is dat MW 3 te zeer de nadruk legt op het betere sluipwerk ten nadele van de grootse, uitgestrekte slagvelden waar de franchise in uitblinkt. Het overweldigend gevoel deel uit te maken van een allesvernietigende oorlog verdwijnt zo te zeer naar de achtergrond.

    Het blockbustervuurwerk dat Infinity Ward met Microsofts en Sony’s consoles in high definition op je flatscreen tovert is natuurlijk niet te evenaren op de gedateerde Wii-hardware: de textures ogen geblokt en wazig, ontploffende granaten zien er allerminst vernietigend uit en lichteffecten missen overtuiging. Toch ziet MW 3 er, voor een Wii-game, grafisch vrij degelijk uit en weet het deels zijn spektakelwaarde te behouden, vooral dankzij de uitstekende geluidstrack. De wapens klinken levensecht en voelen krachtig aan en het degelijke stemmenwerk zorgt samen met de opzwepende soundtrack voor een episch gevoel.

     
     

    Maar eens de game zich in beweging zet, maakt het epische gevoel plaats voor frustratie. Het precies richten en schieten met de Wii-mote vereist een vloeiende framerate. De belabberd slechte prestaties van de Wii, die het aantal beelden per seconden vaak ver onder de dertig doet duiken, maakt dat haast onmogelijk. Daarnaast is het, door de onscherpe textures en de vaak onderbelichte omgevingen, lastig om je belagers te spotten of te onderscheiden van je medestanders. Om die problemen te omzeilen moet je te veel steunen op het automatisch richtsysteem; je drukt de Z-toets in waardoor het beeld zich centreert op een vijand. De voldoening van een tegenstander vakkundig neer te maaien, waar het bij een shooter toch om draait, gaat daarmee volledig verloren.

    De idiote artificiële intelligentie van zowel je tegenstanders als je vrienden is, voor een hedendaagse shooter, teleurstellend: ze verlaten hun beschutting en laten zich gewillig neerschieten of ze zoeken dekking langs de verkeerde kant van een obstakel. Vaak is het ook mogelijk om een verscholen vijand tot op enkele meters te benaderen en neer te knallen zonder dat hij je opmerkt. De game detecteert ook niet altijd waar een kogel terechtkomt. Soms gebeurt het dat je iemand een kogel door het hoofd jaagt zonder dat hij reageert of neervalt. Tel hierbij dat sommige levels in stukken worden gekapt door laadschermen en je beseft dat de campagne van deze Call of Duty voor de Wii absoluut geen aanrader is.

     
     

    De multiplayer bevat dezelfde opties als de andere versies van MW 3 met enkele beperkingen: je kan slechts met vijf tegen vijf spelen, de ‘Spec Op mission modes’ zijn weggelaten en ‘Elite’, de site waarop Activision een ton aan statistieken over je multiplayerprestaties bijhoudt, wordt voor de Wii niet ondersteund. In vergelijking met de campagne speelt MW 3 online verbazend vlot weg: het aantal beelden per seconde ligt een stuk hoger en, op de ‘Spec Ops Survival mode’ na, heb je natuurlijk geen last van de erbarmelijke artificiële intelligentie. Spijtig genoeg wordt de multiplayer geplaagd door ‘lag’; de game detecteert de inslag van de kogels veel te laat waardoor winnen of verliezen eerder een kwestie is van geluk dan van kunde. Moest Activision er ooit in slagen dit probleem te verhelpen met een patch, zou MW 3 een meer dan degelijke multiplayershooter zijn. Zolang dat niet gebeurt laat je deze game best in de winkelrekken liggen.

    Conclusie: 

    Ondanks een degelijke audiovisuele presentatie, is Treyarch er deze keer niet in geslaagd om een leuke Call of Duty-port voor de Wii af te leveren. De gebrekkige frame rate en de stompzinnige artificiële intelligentie maken de campagne een marteling om te spelen. De multiplayer heeft de potentie om meer fun te bieden, maar wordt getergd door frustrerende ‘lag’. MW 3 maakt pijnlijk duidelijk dat, sinds de release van Zelda, zowel voor Nintendo als voor de gameontwikkelaars de Wii ten dode is opgeschreven. Laat de Wii-U nu maar snel komen!

  • Super Mario 3D Land

    In de film Fargo huurt een autoverkoper twee criminelen in om zijn eigen vrouw te ontvoeren, om vervolgens losgeld te eisen van de steenrijke schoonvader. Uiteraard loopt dit faliekant mis en heeft het desastreuze gevolgen voor vele andere personages in de film, maar dat doet nu even niet ter zake. We gaan het over onze grote vriend Mario hebben. De link die ik tussen de film Fargo en onze gameheld Mario leg, is dat ik Mario er weleens van verdenk dat hij Bowser betaalt om de prinses te ontvoeren, waardoor hij telkens weer eventjes die aandacht van haar krijgt. Als Bowser het voor zichzelf had gedaan, dan had hij toch wel een keer een manier gevonden om het karwei geheel af te maken?

    In Super Mario 3D Land wordt Princess Peach in ieder geval opnieuw ontvoerd door de schurk. Iets wat ik, en met mij vele andere Mariofans, van harte toejuich. Een ontvoering leidt namelijk meestal tot een gloednieuwe Mario platformer en die zijn doorgaans van hoge kwaliteit. Wat ik alvast kan verklappen is dat Super Mario 3D Land geen uitzondering op die regel is.

    Het leuke en tevens bijzondere aan 3D Land is dat het spel enorm veel elementen uit de eerder verschenen 2D- en 3D-platformers op unieke wijze met elkaar weet te combineren. In veel levels ren je van links naar rechts, maar bevind je je toch in een driedimensionale wereld, terwijl er ook levels zijn waarin je juist veel vrijheid hebt en alle kanten op kunt. Hierdoor heb je op het ene moment het gevoel dat je een nieuwe New Super Mario Bros. aan het spelen bent, terwijl je op andere momenten terugdenkt aan Super Mario 64. Dat verklapt in ieder geval genoeg over de afwisseling die er te vinden is in deze game.

    Er zijn namelijk standaard acht verschillende werelden en daarin krijg je continu andere gameplayelementen voorgeschoteld. Op het ene moment vliegen de kogels en kanonsballen om je oren wanneer je een ouderwets luchtschip betreedt, terwijl je op het andere moment te als een koorddanser over een touw loopt hoog in de lucht. Ook zijn er levels waarin er rode en blauwe platformen zijn. Eerst zijn ze allemaal blauw, maar als je springt, slaan ze om naar rode platformen, die natuurlijk op een andere plek verschijnen. Zo zijn er nog tal van andere gameplaymechanieken, die ervoor zorgen dat je steeds weer met iets fris en nieuws bezig bent.

    Hierboven noemde ik al even de ouderwetse luchtschepen, zoals we die uit Super Mario 3 kennen. Qua nostalgie is er in ieder geval genoeg te bespeuren in deze nieuwe Mario-game. Zo zijn de oude paddenstoelenhuisjes waarin je een item kunt bemachtigen weer terug van weggeweest en kun je ook weer veranderen in Tanooki Mario. In dit pak verandert Mario in een wasbeer en kan hij tijdelijk door de lucht zweven. Van dit soort herkenbare dingen zijn er ontzettend veel te vinden in Super Mario 3D Land. Echter is de meest herkenbare de vlag aan het einde van ieder level.

    Er zijn echter ook veel nieuwigheden, zoals de boemerang powerup. Hiermee krijg je de mogelijkheid een boemerang te gooien, waarmee je vijanden aan kan pakken, maar ook items naar je toe kunt laten komen. Voor de minder gevorderden onder ons is er een wit blad, waardoor je een witte Tanooki wordt. Deze mogelijkheid verschijnt als je er na een aantal beurten steeds niet in slaagt om een bepaald level tot een goed eind te brengen. Het voordeel van dit witte pak is dat je niet vatbaar bent voor vijanden. Mocht het je dan alsnog niet lukken om het einde te bereiken, dan is er na een beurt of tien de P-wing, waarmee je automatisch naar het einde van het level gebracht wordt.

    Maak je gebruik van de P-wing, dan loop je de te behalen star coins mis. Maar mijn eigen ervaring leert dat je de P-wing niet zult gebruiken. Over het algemeen is het niveau van deze game van dusdanige hoogte dat je de meeste levels zonder hulp kunt uitspelen. Vooral de eerste paar werelden zijn eenvoudig, daarna wordt het wel wat pittiger, maar dit is zeker één van de makkelijkere Mario-games. Bij New Super Mario Bros. stelde je het behalen van de star coins nog wel eens uit totdat je alle levels gehaald had, maar in de meeste gevallen zul je ze hier na één of twee keer spelen van een level wel in de pocket hebben.

    De levels zijn qua gameplay erg gevarieerd, maar ook qua uiterlijk mogen we niet klagen. De graphics komen in de buurt van Super Mario Sunshine en de thema’s wisselen voldoende af. Echter heb je nu niet per wereld een thema, maar wisselt het voortdurend af. Zo zit je het ene moment in de woestijn en speel je een level later hoog in de lucht. Er is zelfs een level gewijd aan het 25-jarig bestaan van Zelda! Aan de ene kant vind ik het wel prettig dat de levels zich telkens afwisselen, maar aan de andere kant mis ik de ouderwetse wereldkaartjes toch wel een beetje.

    Maar zoals al eerder gezegd, ziet het spel er zeer aangenaam en kleurrijk uit en zitten ze vol met bekende en minder bekende vijanden. De 3D-functie van de 3DS komt op sommige punten erg goed uit de verf. Zo zijn er puzzels waarin een Star Coin zit verstopt en als je daarbij de 3D-functie gebruikt, dan kun je pas echt goed zien hoe de blokjes over het veld verdeeld zijn. Daarnaast zie je in sommige levels de vijanden echt op je afkomen, wat een erg leuke toevoeging is. Toch denk ik dat Nintendo er wellicht iets meer mee had kunnen doen.

    Conclusie: 

    Er is geen discussie mogelijk: Nintendo heeft weer een fantastische Mario-game afgeleverd. Het is een game die de grenzen tussen 2D en 3D behoorlijk weet te vervagen. De levels zijn ontzettend mooi, er is erg veel afwisseling, er zijn tal van nieuwe elementen en er is veel nostalgie. Om het toegankelijk voor iedereen te maken, is de moeilijkheidsgraad helaas niet erg hoog en wellicht had Nintendo iets meer met de 3D-functie kunnen doen. Echter weet je dankzij Super Mario 3D Land gelijk weer waarom Nintendo een van de beste, zo niet beste gameontwikkelaars van deze planeet is. Verplichte kost dus!

  • Tetris

    De discussies vroeger op de basisschool waren ontzettend diepgaand. Een van de discussies die me het meest is bijgebleven is die over de uitspraak van de titel ‘Tetris’. Aan de ene kant van het schoolplein stond het groepje dat gewoon lekker makkelijk Tet-ris uitsprak, terwijl de andere kant van het schoolplein Tee-tris zei. Iedereen had er wel een mening over en dat komt natuurlijk omdat iedereen en zijn grootmoeder de game weleens gespeeld had. Was het niet op de originele Gameboy, dan was het wel op de PC of Commodore 64. Iedereen speelde Tetris en nog steeds wordt de game graag gespeeld, getuige de zoveelste variant van het spel dat onlangs uitkwam voor de Nintendo 3DS.

    Dit keer heeft Hudson Soft de ontwikkeling op zich genomen en heeft Nintendo het spel uitgegeven. Ik ga niet uitleggen wat je moet doen in Tetris, want de mensen die dat niet weten, zullen nooit op deze site verwikkeld zijn geraakt. Het simplistische spelletje kent echter naast de normale, alom bekende mode, legio aan andere spelvarianten. Sommige zijn erg leuk, andere zijn aardig, maar vervelend zijn ze geen van allen. Een nadere toelichting van een aantal modi volgt hieronder.

    De meest in het oogspringende is wat mij betreft Survival. Dit is Tetris voor gevorderden, voor mensen die vliegensvlug zijn. Het geval is namelijk dat het veld maar zes blokjes breed is en dat het tempo erg snel omhoog gaat. Bovendien worden er van onder regelmatig lijnen toegevoegd. De kunst hier is om ze lang mogelijk door te blijven spelen en dat is pittig.

    Een andere leuke mode is de Shadow Mode. Hierin zie je een figuurtje op de achtergrond en is het aan jou de opdracht om het na te maken met de Tetrisblokjes. Het begint vrij eenvoudig, maar na verloop van tijd zul je er een flinke kluif aan hebben om bepaalde vormen te maken.

    Verder is er onder andere een Bombliss Mode waarin je Tetris speelt met blokken die bommen bevatten. Leg je die goed neer, dan kan er maar zo heel veel in eens verdwijnen. Ook de Tower Climber is aanwezig. Hierin moet je je Mii naar de top van een toren leiden. Dit doe je door de blokken dusdanig neer te leggen, zodat ze een pad vormen. Deze mode is als Augmented Reality aanwezig. Met de ?-kaart van de 3DS kun je de toren dan zogenaamd in je huiskamer laten projecteren.

    Een aantal van de beschikbare modi is met meerdere personen te spelen. Je kunt er voor kiezen om online te gaan, maar het is ook mogelijk om lokaal te spelen. Hiervoor heb je slechts één gamecard nodig en kun je met zeven man tegelijkertijd spelen. In de multiplayer zul je het met zwetende handen tegen elkaar opnemen, want naast de normale gameplay zijn er allerlei items waarmee je het leven van de ander zuur kunt maken.

    De aankleding en presentatie van het spel laten wel wat te wensen over. Daar waar je in Tetris voor de normale DS allerlei Nintendo-gerelateerde thema’s had, inclusief de soundtracks, komt hier alles vrij anoniem over. De muziek werkt behoorlijk op je zenuwen, om nog maar te zwijgen over je eigen Mii-personage, die met zijn blije smoelwerk continu staat te dansen onder in beeld. Daarnaast is het 3D-element in deze game totaal niet van toegevoegde waarde en is het eerder hinderend voor je ogen.

    Conclusie: 

    Als je het leuk vindt om een potje Tetris te spelen, dan zul je je uitstekend vermaken met deze Tetris voor de Nintendo 3DS. Het spel kent namelijk veel verschillende speltypen, waarvan de meeste gewoon goed te pruimen zijn. Het uiterlijke vertoon van deze game en het geluid zijn niet van hoogstaande kwaliteit, waardoor je misschien eerder voor de wat oudere Tetris voor de gewone DS zou kunnen kiezen. Buiten dat is de 3DS-versie een prima game geworden, waarvan je lang plezier zult hebben.

  • Spider-Man: Edge of Time

    Waar Batman inmiddels de wereld van de games veroverd heeft, is het de beurt aan andere superhelden om op te staan. Al sinds jaar en dag wordt Spider-Man vertegenwoordigd in menig game, maar nooit werd een niveau gehaald dat ook maar in de buurt kwam van de huidige Batman franchise. Activision is de laatste jaren verantwoordelijk voor de man in het rood met blauwe pak en probeert elk jaar weer om Spider-Man net zo op de kaart te zetten als Batman. Na Shattered Dimensions is het nu tijd voor Spider-Man: Edge of Time.

    Spider-Man: Edge of Time vertelt het verhaal van Walker Sloan, een wetenschapper die terug in de tijd wil om zijn bedrijf Alchemex eerder op te richten, om zo drastische veranderingen door te voeren. Deze veranderingen hebben desastreuze gevolgen voor Peter Parker, die in de tijd waar Sloan heen wil als Spider-Man fungeert. In de werkelijke tijd van Walker Sloan is echter ook een Spider-Man actief, namelijk Spider-Man 2099. De misdaadbestrijder is op de hoogte van de plannetjes van de wetenschapper en probeert deze dan ook te stoppen voor het te laat is.

    Het echte verhaal begint dan ook in de vorm van Spider-Man 2099. Pas wanneer Walker Sloan zijn portaal naar het verleden bereikt, komt de oude Spider-Man in het verhaal voor, nadat deze in het begin kort is geïntroduceerd. Wat er volgt is een opmerkelijke verhaallijn die goed uitpakt voor het spel. Het verhaal wisselt namelijk continu tussen Spider-Man 2099 en de oude Spider-Man, beter bekend als The Amazing Spider-Man. Deze wisselwerking werkt uitstekend. Er zitten geen laadschermen tussen de wisseling, maar goed uitgevoerde dialogen tussen beide helden. Ze kunnen namelijk met elkaar communiceren doordat zij gedeeltelijk over hetzelfde DNA beschikken. Dit werkt prettig en stoort totaal niet.

    De acties die Amazing Spider-Man uitvoert in zijn tijd heeft directe gevolgen voor de wereld van Spider-Man 2099. Wanneer Amazing Spider-Man een muur neerhaalt, kan het zomaar zijn dat er bij Spider-Man 2099 een muur verschijnt. Dit verschijnsel wordt in het leveldesign veelal succesvol gebruikt. Hoewel het spel niet aan de grafische top staat, afgezien van de schitterende CGI filmpjes, ziet het spel er niet onaardig uit. Net als in Shattered Dimensions heeft de ontwikkelaar gekozen voor een gesloten omgeving. Het is niet mogelijk om door de steden te slingeren en lokale misdaden aan te pakken. Persoonlijk vind ik dit een groot gemis. Dat wat de vorige games een voldoende gaf was de vrijheid die je had. Deze vrijheid is compleet weggenomen, waardoor het niet als een echt als Spider-Man aanvoelt. Een dubieuze keuze.

    Daar waar Spider-Man in de vorige delen barstte van de combo’s, lijkt het combat-systeem in dit spel wat gebrekkig. Het omver schoppen van robots heeft iets te veel weg van button-bashen en dat is iets wat Spider-Man niet nodig heeft. Doordat hij spinnenrag kan afschieten kunnen er brute combo’s gecreëerd worden, iets wat in eerdere games nog wel mogelijk was. Combo’s zijn er wel, maar deze zijn gebrekkig en hierdoor geeft het weinig voldoening wanneer je weer eens een dozijn aan robots naar de schroothoop hebt verwezen. Begrijp mij niet verkeerd, het combat-systeem is goed speelbaar, maar hier had veel meer in gezeten voor een superhelden-game.

    Wie in Spider-Man: Edge in Time veel puzzels verwacht zit er helemaal naast. De game draait enkel en alleen om het afslachten van robots en hier en daar overbruggen van hindernissen. Dit doe je door tegen muren omhoog te klimmen en af en toe heen en weer te zwiepen. Dit maakt de game wel wat repetitief, maar doordat de game wel een hoog tempo hanteert, heb je niet het idee dat je in een slop raakt.

    Conclusie: 

    Spider-Man: Edge in Time is niet de game geworden die de franchise naar een eenzame hoogte tilt. De ontwikkelaar lijkt voor zekerheid te hebben gekozen door een gesloten omgeving te creëren, maar dit is niet de ideale wereld waarin een game met Spider-Man in de hoofdrol zich moet afspelen. Het spel is zeker speelbaar en scoort op sommige vlakken ook een goede voldoende, maar is door gebrek aan specialisatie en verdieping duidelijk geen topper.

  • Call of Duty: Modern Warfare 3

    Vorige week was het dan weer zo ver: eindelijk een nieuwe Modern Warfare. Modern Warfare 2 is helemaal grijs gespeeld, op de één of andere manier heeft Black Ops mij niet zo lang in zijn greep weten te houden, waardoor ik eigenlijk al een maandje of tien niet meer online aan het knallen ben met Call of Duty. Modern Warfare 3 zit nu een anderhalve week in mijn PlayStation 3 en geeft me weer het oude vertrouwde Modern Warfare gevoel. Dat is enerzijds erg goed, maar anderzijds ook een beetje jammer.

    Modern Warfare 3 gaat verder waar het tweede deel gestopt is. De hele wereld vecht met elkaar en het is aan jou de taak om Makarov voor eens en altijd een halt toe te roepen. Om dit te bewerkstelligen, speel je met diverse personages uit verschillende squads, die verdeeld zijn over de hele wereld. Alle gebeurtenissen tezamen vormen de verhaallijn binnen het spel.

    Op het ene moment ben je in New York aan het vechten tegen de Russen, terwijl je verderop in het spel midden in Afrika zit. De verschillende locaties vormen een welkome afwisseling, maar weten nooit echt te overtuigen. Het ziet er weliswaar wel aardig uit, maar als je de vorige delen van de Call of Duty reeks erbij pakt, zul je snel merken dat er totaal geen vooruitgang is geboekt op het grafische vlak. De omgevingen zijn nog steeds erg statisch en kogels en granaten hebben er weinig tot geen invloed op. Ja, je kan een auto laten ontploffen, maar willekeurig gebouwen in laten storten middels een raket of granaat is er niet bij. Dat is jammer, want in andere shooters hebben we kunnen zien dat dat best mogelijk is op de PlayStation 3.

    Echter ben je continu ondergedompeld in actie, waardoor je ook niet zo gek veel tijd hebt om van grafische pracht te genieten. De gameplay in Modern Warfare 3 is namelijk nog steeds goed. Gevechten te voet met een geweer in je handen worden wederom afgewisseld door scènes in diverse voertuigen. Je komt onder andere achter een gun van een helikopter te zitten en je zult varen in een bootje. Een moment om te rusten krijg je niet, want de actie in Modern Warfare 3 is enorm snel en continu aanwezig.

    Wat dan weer jammer is, is dat de singleplayer binnen vier a vijf uur uit te spelen is. Voor je het weet staat de aftiteling op het scherm. Wat dan nog rest voor de singleplayer liefhebbers zijn onder andere de Spec Ops missies. Maar de reden waarom de meeste mensen Modern Warfare 3 aanschaffen is natuurlijk de multiplayer.

    Deze is wederom erg uitgebreid. Er zijn vele verschillende modi, waaronder de team deatmatch, team defender, domination en free for all. Voor iedere first person shooter fanaat is er wel wat wils. Al deze modi zijn op zestien verschillende maps te spelen. Wat mij vooral opviel aan de maps is dat ze veel exacte elementen bevatten die we ook al zagen in de eerste en tweede Modern Warfare. Zo staan er overal vrachtwagentjes die we kennen uit het voorgaande deel en zijn er zelfs stellages die precies hetzelfde zijn als in de eerste Modern Warfare. Dit benadrukt maar eens dat Activision en de verantwoordelijke studio Sledgehammer weinig hebben gedaan om het uiterlijk van de game te verbeteren.

    De ontwikkelaar heeft verder ook geen drastische veranderingen doorgevoerd in de multiplayer. Echter hebben de enkele kleine veranderingen wel gezorgd voor meer balans. De perks zijn iets beter verdeeld en bepaalde zaken die je eerder via een perk kreeg, kun je nu vrijspelen door je wapens te levelen. Deze nieuwe methode zorgt ervoor dat je wapen steeds sterker wordt, naarmate je er veel mee speelt. Langzaam maar zeker speel je bijvoorbeeld de mogelijkheid vrij om twee attachments toe te voegen, of dat je grotere magazijnen krijgt. Daarnaast is het niet meer mogelijk om een dubbele shotgun naast je primary weapon te dragen. In Modern Warfare 2 zorgde dit namelijk voor veel frustratie bij de spelers. Het was daar allemaal iets teveel van het goede qua wapens, killstreak rewards en perks.

    Nee, hier is dat duidelijk niet het geval. Er is veel meer balans en het draait net iets minder om het aantal kills, omdat je ook voor andere acties XP punten krijgt. Dit komt vooral ten goede aan de wat tactische modi in de multiplayer. Mensen zijn veel sneller geneigd om bij te dragen aan het teamdoel in plaats van het eigen succes en veel kills.

    Wat ook verassend, maar zeker niet vervelend is, is het feit dat je verschillende soorten killstreak rewards kunt krijgen. De normale assault acties, zoals de Pave Low en de Stealth Bomber zijn aanwezig, maar je kunt ook voor support gaan, waardoor je onder andere counter UAV’s en kogelwerende vesten kunt vrijspelen voor je team. Tot slot kun je ook nog kiezen voor extra perks. Naarmate je meer kills maakt, krijg je steeds meer perks tot je beschikking, waardoor je nog meer voordeel hebt.

    Conclusie: 

    De singleplayer in Modern Warfare 3 is behoorlijk goed. Het speelt lekker vlot weg, maar na een uurtje of vijf ben je er al doorheen. Daarbij komt kijken dat het qua uiterlijk absoluut niet is verbeterd ten opzichte van de voorgangers. Ook in de multiplayer uit zich dit probleem. De kleine veranderingen die op gameplaytechnisch gebied zijn doorgevoerd zorgen echter wel voor enige verbetering, waardoor de balans dit keer wel erg goed is. Call of Duty: Modern Warfare 3 heeft het dan ook te danken aan de zeer uitgebreide en uitgebalanceerde multiplayer dat het nog een aardig cijfer krijgt, maar voor volgend jaar eisen we een game die ons op alle fronten in omver zal blazen.